Luister en hoor hoe ik een universum in zinnen versnijd.
Daar kan jij simpelweg niet bij.
Ik bewandel het bovenmaanse, terwijl jij gekluisterd aan het scherm van je telefoon of ditto exo cortex, zelfs het aardse al langgeleden uit het oog verloor.
Zo voltrekt het zich, dat instelling brengen.
De bestelling is snel geplaatst. Makkelijk zat.
Maar die bezorger is je toch net iets te dwingend.
Voet tussen de deur, laat zich niet zo makkelijk afpoeieren.
Dat zit je toch niet helemaal lekker.
Of hij even van je internet gebruik mag maken.
Geen sprake van! We leven hier toch niet in 2001?
Maar enfin, de bestelling werd je afgeleverd.
Maar je krijg meer dan waar je om had gevraagd. Veel meer, ja echt veel en veel meer.
Ontstellend zoveel als het was.
Denk factor porno of hongerige afrikanen.
Ja. Dat is echt veel, dat is echt heel veel.
Ironisch als een spelletje tikkertje, waar ook de kosmos aan mee doet.
Tikkie! Jij bent hem.
Er staat iets te gebeuren.
De trekvogels vliegen uit.
Hele inboedels worden op straat gezet.
Eén voor één vertrekken ze.
De tjiftjaf, de kanoet, de gekraagde roodstaart, zelfs de tortel.
Waar naartoe?
Weg van hier.
Dat is zeker.
Dat is zeker.
Van bovenaf is het makkelijk gadeslaan.
Zo weten de vogels.
Maar door een sluwe list kreeg ook ik eens de kans om een blik te werpen.
En wat zag ik?
Tja... ik zag het uitzicht vanuit het niets.
Ik zag zij die hij mensen noemt. Vooral veel van hen.
Overal waar ik keek zag ik deze vermeende anthropos.
Het animal rationale. De koning van de jungle.
Er komt een nieuwe vloed.
Zo werd het mij voorspeld door de met reden begiftigde wezens.
Zonneklaar werd het mij getoond in grafieken en tabellen.
Kaarten van continenten die met het verstrijken van de jaren blauwer en blauwer werden.
Ze leken er vrij luchtig onder, zolang het fenomeen te calculeren viel waande zij zich in controle.
Zie, ze zijn alleen maar bezig met het ontwerpen van hun eigen ondergang.
Vanwaar ik keek was dit duidelijk zichtbaar.
Luister je nog naar me?
Wat ik nu ga zeggen is namelijk van groot belang.
Wat ik je ga vertellen is iets wat je eigenlijk al weet.
Iets dat je al vermoedde, dat je telkens weer het klamme zweet bezorgde, wanneer je nietsvermoedend, plotseling door de twijfel getroffen, dacht normaal te functioneren.
Dat functioneren van jou, daar zullen we het maar niet over hebben.
Je denkt dat je een mens bent.
Dit mag dan misschien juist zijn.
Het is echter niet waar.
Dat wat jij een mens noemt is in werkelijkheid een afgrond.
Een onmetelijke diepte die mens en zijn ondoorgrondelijkheid een soort artificiële nul.
Een gefabriceerd ankerpunt.
Archimedes lacht erom vanuit zijn graf.
Prachtig dit.